Guus Stille

Guus Stille is sinds het voorjaar 2021 als adviseur verbonden aan TACT Advocaten.

Guus studeerde notarieel recht aan de Katholieke Universiteit Nijmegen, thans de Radboud Universiteit. Daarnaast studeerde hij aan de Universiteit van Valencia (Spaans IPR en huwelijksvermogens- en erfrecht) en aan de Rijksuniversiteit Leiden (strafrecht). Van 1971 tot 1977 was werkzaam als kandidaat-notaris, in combinatie met de functie van wetenschappelijk medewerker aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Van 1975 tot 1988 was hij directeur van het Notarieel Juridisch Bureau van de Koninklijke Notariële Broederschap te ‘s-Gravenhage. In die tijd trad hij in voorkomend geval ook op als waarnemer van afwezige notarissen. Van 1981 t/m 2001 was hij tevens kantonrechter-plaatsvervanger te Amsterdam. Met ingang van 1981 tot eind 2010 vervulde hij de functie van directeur van de Stichting Internationaal Juridisch Instituut te ‘s-Gravenhage. In 1986 promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam op ‘De afdeling in het verenigingenrecht’. Van 1993 t/m 2014 was hij rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Amsterdam en van 1995 t/m 2014, rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Utrecht. Van 1988 tot eind 1996 was hij raadsheer in het gerechtshof te Amsterdam, in welk hof hij daarna raadsheer-plaatsvervanger was. Van 1992- 2011 was hij lid van de notariële en van de gerechtsdeurwaarderstuchtkamer van dat hof, de laatste jaren als fungerend voorzitter. Van 1997-2003 was hij hoogleraar notariaat en personen- en familierecht aan de Universiteit Utrecht. Van 2002- 2014 werd hij raadsheer in het Haagse hof en van 2003-2014 vicepresident van dat hof.

Van 2003-2006 was hij honorair hoogleraar notariaat aan de Universiteit van Amsterdam en van 2006-2011, bijzonder hoogleraar notariaat aan de Universiteit van Amsterdam (met tijdelijke uitbreiding leeropdracht in 2008-2009 met internationaal privaatrecht). Van 2014-2020 was hij adviseur van het gerechtshof Den Haag inzake het internationaal privaatrecht, in het bijzonder het internationaal personen-, familie- en erfrecht, en inzake internationale kinderontvoeringen. Van 2014-2016 was hij adviseur van het gerechtshof Amsterdam inzake het tuchtrecht voor notarissen en gerechtsdeurwaarders.

Vanaf medio 1997 tot 2003 was hij voorts Bijzonder Griffier van de vaste Commissie voor Justitie van de Tweede Kamer der Staten-Generaal (voor Boek 4 nieuw BW (erfrecht) en de wijzigingen in Boek 1 in het huwelijksvermogensrecht, in Boek 7 in het schenkingenrecht en in het Overgangs- en Aanpassingsrecht NBW).

Hij bekleedde voorts tal van bestuurs- en toezichthoudende functies zoals lid van de Raad van Toezicht van de Stichting tot Bevordering der Notariële Wetenschap te Amsterdam, lid en tevens vicevoorzitter van het College van Deskundigen en nadien van het College van Beroep van de Stichting Centraal Bureau Fondsenwerving te Amsterdam, lid van het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Internationaal Recht te ‘s-Gravenhage, lid van het bestuur van de Stichting Vrienden van de Bibliotheek van het Vredespaleis te ’s-Gravenhage, lid van het bestuur van de Vereniging voor Familie- en Jeugdrecht te ’s-Gravenhage, lid van het bestuur van de Stichting Internationale Estate Planning te Utrecht, alsmede lid van het bestuur van de Stichting Beroepsopleiding Notariaat te Nijmegen. Ook vervulde hij de functie van curator van de bijzonder leerstoel Internationaal Belastingrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht. Bij de Landelijke Instelling Hulp en Recht na seksueel misbruik in pastorale relaties (publieke kerkelijke rechtspersoon in de zin van canon 116 van het Wetboek van Canoniek Recht) te Utrecht, was hij lid en vicevoorzitter van het bestuur. In de Stichting Certificering FFP te Baarn vervulde hij een lidmaatschap van de Raad van Beroep.

Guus geeft in binnen- en buitenland cursussen op het terrein van het internationaal privaatrecht, het personen- en familierecht, het erfrecht en notariële tuchtrecht. Voorts publiceert hij op het gebied van het personen- en familierecht, het erfrecht, het rechtspersonenrecht, het trustrecht (op al deze terreinen zowel nationaal als rechtsvergelijkend), het notariële tuchtrecht en het internationaal privaatrecht.